150 jaar Onze Lieve Vrouwekerk

Gevelsteen Heilige Stede
Het jubileumjaar van de Onze Lieve Vrouwekerk werd op 23 november 2003 geopend door de deken van Amsterdam, Joop Stam. In het ontmoetingscentrum naast de kerk onthulde hij een gevelsteen van de Heilige Stede. Daarmee wilde de kerk haar verbondenheid uitdrukken met de geschiedenis van Amsterdam als Mirakelstad.

De Heilige Stede was de sacramentskapel die in 1346 gebouwd werd na het Mirakel van Amsterdam, het eucharistische wonder dat de hoofdstad tot over de grenzen bekend heeft gemaakt. Na de onthulling van de steen werd in het ontmoetingscentrum een tentoonstelling geopend over de geschiedenis van de Onze Lieve Vrouwekerk.

Sacramentsprocessie
Hoogtepunt van het jubileumjaar was de sacramentsprocessie op 13 juni vanuit de Onze Lieve Vrouwekerk over de Keizersgracht naar het Begijnhof. De bisschop van Haarlem, mgr. Jozef Punt ging in de processie voor. De voettocht van gelovigen, waarin een hostie in een monstrans werd meegedragen, trok veel bekijks.

Het was voor het eerst sinds 1578 dat een processie door Amsterdam trok. Het stadsbestuur ging dat jaar over naar de Reformatie en verbood processies. Het zogeheten processieverbod gold eeuwenlang voor vrijwel het gehele Nederlandse grondgebied ‘boven de rivieren’. De wijziging van de Grondwet in 1983 gaf nieuwe ruimte aan openbare religieuze manifestaties, die in 1989 ook expliciet bij wet werden toegestaan. De Onze Lieve Vrouwekerk is de eerste kerk in de hoofdstad die gebruik heeft gemaakt van deze nieuwe wettelijke mogelijkheid.

De sacramentsprocessie was het onderwerp van een foto-expositie van Wim Groeneveld in het ontmoetingscentrum naast de kerk. De expositie is op 17 oktober geopend en is wegens succes verlengd tot 1 januari 2005. Bij de opening van de expositie werd tevens een boek over de processie gepresenteerd. Naast een terugblik op de historie van de Onze Lieve Vrouwekerk en de processiegeschiedenis van Amsterdam, bevat het speelse interviews met diverse betrokkenen bij dit bijzondere gebeuren. Het boek is fraai geïllustreerd met expositiefoto’s.

Oecumenische en multiculturele vesperdienst
Ook in het kader van het 150-jarig bestaan van de kerk vierden de drie gemeenschappen op 13 november een gezamenlijke vesperdienst. Zij wilden daarmee uitdrukking geven aan hun onderlinge verbondenheid. De liturgie van de vesperdienst was deels in het Latijn (gregoriaans) en deels in het Aramees. De viering werd afgesloten met gezang van het Surinaamse kerkkoor.

De Syrisch-orthodoxe priester Samuel Abdullah zei in zijn preek dat gemeenschappen van verschillende komaf de liturgie in harmonie onder één dak kunnen vieren: "Hoewel wij tot verschillende gemeenschappen behoren, zijn wij voor Christus één. Zonder ons gemeenschappelijk geloof zouden wij geen christenen genoemd worden. Ik vergelijk deze verschillende gemeenschappen met de Joden op het moment dat zij verdeeld waren in 12 stammen. Nadat de Joden uit Egypte vertrokken waren en in Sinai arriveerden, hadden zij dorst en vroegen allen Mozes om hen water te geven. Nadat Mozes tot God gebeden had zei God tegen hem: 'Gooi je staf tegen de rots.' Vervolgens zijn 12 bronnen water uit deze rots ontstaan voor de 12 stammen. Deze kerk vergelijk ik met de rots van Mozes. Uit deze kerk drinken vele volkeren de levende wateren. Al deze volkeren geloven in Christus, die voor ons gestorven is en ons de overwinning heeft gegeven. Zoals de engelen blij waren met zijn opstanding, zo zijn wij vandaag blij dat wij in de liefde van Christus bijeen zijn."

Nuntius bij jubileum Amsterdamse O.L.Vrouwekerk: Paus was blij met sacramentsprocessie door binnenstad.

Apostolisch nuntius mgr. François Bacqué sloot het 150-jarig jubileum van de Amsterdamse Onze Lieve Vrouwekerk af met een plechtige eucharistieviering. In zijn preek memoreerde hij aan zijn audiëntie met paus Johannes Paulus II, twee dagen na de sacramentsprocessie door de Amsterdamse binnenstad. De nuntius noemde de secularisatie een van de ernstige problemen van de Kerk in West-Europa.

"Ter ere van het 150-jarig bestaan van de Onze Lieve Vrouwekerk opperde het bestuur het idee een sacramentsprocessie te houden als uitdrukking van vreugde en dankbaarheid. Die sacramentsprocessie vond met succes plaats op 13 juni 2004. Het was de eerste sinds meer dan vier eeuwen geleden. Op 15 juni, twee dagen later, was ik blij daarover met de Heilige Vader te kunnen spreken tijdens een privé-audiëntie in het Vaticaan. Het bleek hem groot genoegen te doen", aldus mgr. Bacqué.

De nuntius noemde de secularisatie een van de ernstige problemen die de katholieke Kerk in West-Europa ontmoet: "De deelname aan de Eucharistie is sterk gedaald, evenals het geloof en de eerbied voor de werkelijke aanwezigheid van de Heer in de heilige gedaanten van brood en wijn, lichaam en bloed van Jezus."

Hij vervolgde: "Er zijn veel aspecten te overwegen in de Eucharistie, die het Geheim is van ons geloof. En dat geldt eveneens voor het priesterambt. Zonder priester is er geen Eucharistieviering, en zonder zulk een viering is er geen Kerk." Hij riep op tot het waardig vieren van de liturgie: "De Eucharistie moet mooi zijn en waardig, niet alleen uitgedrukt in een innerlijke houding van devotie, maar verbeeld in uiterlijke tekenen die de grootsheid van deze gebeurtenis uitdrukken."

Scheiding kerk en staat De Onze Lieve Vrouwekerk aan de Keizersgracht werd in opdracht van de paters Redemptoristen gebouwd en in 1854 - een jaar na het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland - in gebruik genomen.

De nuntius blikte terug op die woelige tijd: "Ondanks de vele problemen die zich rond het midden van de 19e eeuw voordeden, zoals de Aprilbeweging, werd dankzij de ontwikkeling van het katholicisme en de welwillende houding van koning Willem III de scheiding tussen Kerk en Staat duidelijker. De onderlinge diplomatieke betrekkingen tussen de Heilige Stoel en het Koninkrijk der Nederlanden werden aangeknoopt en de katholieke Hiërarchie werd in 1853 officieel hersteld.

Op 19 november 1854 werd de Onze Lieve Vrouwekerk ingewijd en in gebruik genomen. De toestemming tot de bouw van deze kerk werd indertijd verleend door mgr. Carolus Belgrado, vice-superior van de Hollandse missie en internuntius te Den Haag. Hij gaf deze toestemming ondanks protesten van de rooms-katholieke geestelijken van Amsterdam. Zij vonden dat er al genoeg kerken waren. En ook ondanks de protestanten, die ook hun invloed aanwendden om de bouw van de nieuwe kerk te verhinderen. In deze zin is de historie van dit gebouw nauw verbonden met de nuntiatuur in Den Haag en met de Heilige Stoel.

Na veel te hebben bijgedragen aan het katholieke leven in Amsterdam, verlieten de paters Redemptoristen in 1985 de hoofdstad. Daarna heeft de bisschop van Haarlem de pastorale zorg voor de katholieke gemeenschap van de kerk toevertrouwd aan priesters van het Opus Dei. De kerk is nu de thuishaven voor de Amsterdamse katholieken, de Surinaamse katholieken en de Syrisch-orthodoxen.